maandag 15 september 2014

Naarden 1572 naar aantekeningen van Lustigh


int jaar 1572, den 24 novemb. oudes tijt doen vermoort duc: Alva de
burgers en besettelingen tot naarden, ende dat tot 468, toe
en steeckt den brant alomme in den stadt, in welcke distructie
veele micirabele eelendigheden voor vielen, waar van ik maar
maar eenige sal ophalen die gruwelijk sijn geweest, don ffrederico bastaart soon van duc: alva die liet den trommel slaan, alle burgers moesten in de gasthuijs capelle koemen, men soude haar een nieuwe eedt, ten behoeve van den koninck van sphangien laten doen eenige burgers gingen niet, dogh de meesten al: pater Joseph, wiert belast, hij moeste op de roomsche maniere het vergaderde volck de laatste benedictie seggen en geven en soo als hij dat begon te seggen soo vloegh een ijgelijk na de dueren
en vensters, omme uijt te raken maar eijlaijs, de sphanjaarden
die stonden met hare roers en piecken aen wedersijden van de dueren, en
schoeten, en steecken al door watter uijt quam, tot dat die alle vermoort waren vorder soo reden de moordadige ruijteren met haare paarden langes
de straten en op de wallen en wien noch uijt hare huisen quamen diesij sagen, die vermoorden sij, dogh noch eenige burgers knegjes, die raakte in die ffurie noch over de graft den eene na Loosdregt, Weesp en den anderen na andere plaatsen soo best ontkoemen konnen ja een Borgers soon van naarden de moort tot naarden op de wijse
ontkoemen sijnde, die quam seer verbaasdelijk tot Huijsen in een Huijs loopen en seijde tegen de vrouwe van t huijs, moeder moeder bergh mij, en liep voort soo door t voorhuijs int agterhuijs, en kroop int stroo, doch daar saten sphaanse ruijteren bij t vier, die vraagden
die vrouwe, off dat haar soon was die vrouwe segt neen, die ruijteren loopen na agteren, en steeken met haar rapieren, den jongeling in t strro doot, dit is waar gebuert. ende noch is waarheijt, dat mijn vaders grootvader Lambert rijckz Lustigh na welcke ik genoemt ben, op dien
voorz moort dagh, mede in groot gevaar sijns levens raakte want daar waren op die tijt en dag in ons dorp sphaanse ruijters gelegen die daar oppassen moesten, dat soo ras sij sagen, dat den roock en brant tot naarden opgingh sij haar moesten posteren op de bergen en wegen na bij naarden, om de vlugtigen burger van naarden, te dooden, ende soo ras sij den brant sagen soo wouden sij van mijn overgrootvader hebben, dat hij een van sijne dogters aen haar mede gaf, om haar den wegh te wijsen, tot aen de duijnbergen toe twelck hij niet consenteerde, sorgende
voor schenden, waarom sij hen doen drongen om dat selver te doen, doch sij consenteerden, als hij haar tot op de duijnbergen gebragt hadde, sij dan aen mijn over grootvader souden overgeven een scherp, haar spaans veltteijken om daar meede in vrijheijt wederom thuijs te koemen, ende die ruijteren op die duijnbergen gebragt hebbende soo gaven sij aen mijn overgrootvader, haar ]sphaans velt teijken wel, maar onderwegen tisschen ons dorp en die
duijnbergen, soo ontmoete de mijn overgrootvader, eenige partijen sphaanse ruijte-
ren die hem wouden doorschieten, meijnend dat hij uijt de moort van naarden ontkoemen
was, doch mijn overgrootvader die quam t elckens, met woorden wijsen en met het
spaans velt teeken te toonen, dat hij het ter nauwer noot, niet doot raakte welck perijkel mijn overgrootvader noijt quam te vergeten, ja het is ook de waarheijt dat drie burgers tot naarden van eenige soldaten sware packen van naarden tot bussum droegen, alwaar het hooftquartier was, en haar aldaar de packen aff genoemen hebbende, soo meenden sij daar mede perdon te hebben maar helaijs twee van deselve wierden tot bussum op een bouwkamp seer jam-
merlijk met rappieren door stoecken ende het soude den derden ook soo gegaan hebben, indien hij het niet intijts in een paardenstal onder de messe ont kroepen hadde, alwaar hij hem, drie dagen in verbergde, en doen op een nagt daar uijt gaande quam hij in ons dorp Huijsen, Item, een borger tot naarden genaamd Hubert Willems van Eeijcken, een smit, die en woude aen de sphanjaars
geen eedt doen, waarom si hem op t lijf vielen, en gaven hem 15 wonden met hare rapieren, en terwijl sij hem die wonden gaven, soo houde hij met sijne handen de bloote rapieren soo danigh vast dat alle de vingeren van sijne handen affsneden, voorts sneden sij moordenaars hemhet hooft af, en wierpen hande vol bloots, in sijn dogters aengesigten die op hare knien lagen, en baden
om t leven van haaren vader ook is het waarheijt dat wel 20 mannen op de toorn gevlugt waren, en meende haar daat te verbergen, maar onder
belofte van perdon, soo krrgen sij die vertoorn aff, en om laagh hebbende, dooden sij deselve, alle moordagen stucken te beschrijven, is mij onmoegelijck want sij spaarden van de manluij jonck off out niemant niet, als Lambertus Hortensius rector, en pater Joseph, dog de vrouwen die schoffeerden sij wel maar van deselve niet veel gedoot een vrouw, een dagh outkraams, en op hare blooten voeten gaande met haar jongh geboerenen kint, die wiert noch van een duijtse
ruijter, een stuck geconvoijeert na ons dorp Huijsen, alwaar sij in dit kout sneewigh en vriiesent weer, noch behouden aen quam, alle hare moorden en branden gedaan sijnde, soo lieten sij door de omleggende boeren de wallen in de grafte smijten, en lieten alle de vermoorde menschen, drie dagen onbegraven leggen en doen moesten die omleggende boeren deselve mede begraven, voorts verklaarden sij de stadt van alle hare previlegien en vrijheden berooft te sijn, en waren
al soo verre heen, dat sij de meenten rontom naarden al hadden laten affmeten om deselve voor eijgen geconquetseerde lande, te verkopen, doch de tijts veranderinge van de oorlogen, die belette het selve, dat die noch niet verkogt wierden, gelijk ik sulckx in een gedruckt boeckxken tot naarden ten huijse van Do. Johannes pivockius hebbe gelesen 128 jaren, hebben die van naarden alle jaar dien moort dagh laten preecken, godt geve, dat noijt die stadt diergelijken overkoeme, want dat waren dagen van moort, brant, en benautheijt

zaterdag 9 augustus 2014

Het probleem van het niet kunnen lezen en schrijven

Dit probleem werd in 1746 ook al aangepakt een kleine 260 jaar geleden dus. Er zat ook eigenbelang bij denk ik van de kerkenraad. Je moest dus duidelijk kunnen lezen en schrijven om lidmaat van de Hervormde kerk te worden. De keuterboertjes zal het een worst zijn geweest denk ik, leren levert niets op, je moest leren om het land te bewerken en hoe je de koe moest melken e.d. zaken en  kinderen konden beter op het land werken . Maar de kerk was de baas in die tijd en besliste dus anders. Want je moest de Heilige Schrift natuurlijk wel kunnen lezen. Zo las ik dit in een kerkboek van Holysloot.

Den 26 November 1747.
 Dewijl de droevige ondervinding ons dagelijks leest, dat er veele Bejaarden zijn,
die leezen nog Schrijven kunnen, en bijgevolge ook niet in staat zijn om de grond-
waarheeden van ons allerheijligste geloove te onderzoeken en te leeren, zoo dat
zij door het niet kunnende doen der Belijdenisse ook niet tot leedemaaten van
onze Hervormde Kerke kunnen aangenoomen worden, zoo is het, dat wij, Predikant
ouderlingen en Diaconen, uijt aanmerkinge van de Schadelijke gevolgen, die uijt
de onkunde kunnen Voortkoomen, met eenpaarigheid van stemmen na een
rijp overleg beslooten en vastgesteld hebben, dat Wij, om den onvermoogenden
ouderen in dit hoognuttige stuk eenigzints te hulp te koomen, aangenoomen
hebben het schoolgeld uijt de Diaconiekas aan den Schoolmeester deezer plaatse
te zullen betaalen, wanneer zij zig voor ons inmagtig verklaaren van
haare kinderen te kunnen laaten school gaan: alles nogtans onder die
voorwaarde, dat de ouderen dan ook haare kinderen altijd stiptelijk
zullen na school stuuren, en zooveel in hun is zorg dragen, dat wij in
dit ons goede oogmerk en voorneemen, om de teedere jeugd tot haarer ziele
nut en Zaligheijd te laaten onderwijzen, niet zouden vereijdelt worden.
En zo het mogte gebeuren, dat die kinderen met opzet door haare ouderen
of door eijge traagheid uijt het school bleeven, dan moet de Schoolmeester
zijne klagten inbrengen  voor den Eerw. Kerkenraad, die dan met den zulken
zal handelen naar bevind van zaaken, zoo als je zal meenen te behooren.
Actum in onse volle kerkelijke vergaderine
ten jaare en daage als boven.
 
Zuod Sijnedrii Nomine attestor
Gerardus de Broen Sijnedrii Proses.
De Kerkenraads Leeden waren toen ter tijd
Gerardus de Broen Predicant
Dirk Lof                     }                                 Pieter Jong      }
Cornelis Brand           } ouderlingen              Jan Brand       }Diaconen
Pieter Wouterse          }                                 Sijmon Zwart  }


 een oud schoolgebouwtje in Holysloot zal niet van 1746 zijn maar van latere datum maar is het oudste wat ik kon vinden.

zaterdag 2 augustus 2014

Thuret-Barbus

Het regent en het onweert dus gaan we maar eens verder met invoeren voor mijn website genea.pedte.net
Ik ga verder met Muiden en val gelijk in een probleem. Joanna Elisabeth Barbus en Pieter Thuret krijgen een kind in Muiden dat word gedoopt op  04-03-1792, Dit is het enige wat ik heb dus ga ik kijken op internet, Daar vind ik haar(wiewaswie) met een tweede huwelijk zijnde 36 jaar. Nu is dat 2e huwelijk in 1815 dus er klopt iets nietwant dan zou zij 12 jaar geweest zijn bij de geboorte van  het kind dat in Muiden geboren word. Zij trouwt in 1815  met Jan Hendrik Koek 46 jaar en bij haar leeftijd staat 35 jaar. Dan maar in Diemen kijken bij de huwelijkse bijlage Hier zijn keurig alle bijlages van overlijden wederzijdse ouders en geboorte van Jan Hendrik maar niet van Johanna Elisabeth wel een verklaring bij de vrederechter dat ze niet weet waar en wanneer ze geboren is dus geen geboorte bewijs kan overleggen. Een paar getuige zeggen dat ze haar haar al enkele jaren kennen en dat ze van Amsterdam komt.  Dat word dus zoeken naar het 1e huwelijk dat blijkt aangetekend te zijn  in Amsterdam, Hierin staat dat zij van Utrecht komt, Dus in Utrecht zoeken. Ook daar is aangetekend voor het huwelijk. Verder niets.  Dat word dan weer terug naar Amsterdam (alles via het net) 
Na het ene kind in Muiden blijkt ze nog 3 kinderen in Amsterdam te hebben gekregen. Nu dus op zoek naar haar geboorte in eerste instantie vind ik haar niet maar uiteindelijk wel zij is geboren in 1768. Dit komt beter uit want dan is ze 21 bij de geboorte van haar 1e kind.  Haar ouders zijn in 1754 getrouwd inde Waalse kerk te Amsterdam waarbij vermeld word dat haar vader uit Berlijn komt.
kind:

, Jeanne Elisabeth

geboortedatum:

02-08-1768

doopdatum:

11-08-1768

kerk:

Westerkerk

godsdienst:

Waals-Hervormd

vader:

Barbus, Jean Louis

moeder:

Rikmant, Susanne


Kortom na een hele middag puzzelen heb ik het gezin compleet.

I.1 Jean Louis BARBUS, geboren te Berlijn, begraven op 08 05 1801 te Amsterdam. Walekerk.
Ondertrouwd (1) op 15 11 1754 te Amsterdam, [11/17  12/1  24 Jean Louis Barbus de Berlin demeur au Rokkin & Susanne Riquement demeur dans le Pieter Jacobsstraat. Zo staat het in de huwelijksafkindigingen van de Waalse Hervormde gemeente in Amsterdam], gehuwd voor de kerk op 01 12 1754 te Amsterdam (Waals Herv.) met Susanna RIEQUEMENT (Rikeman), begraven op 05 10 1795 te Amsterdam. Walekerk.
Ondertrouwd (2) op 13 05 1796 te Amsterdam met Madelaine BRUGEROLLE.
Uit het eerste huwelijk:
1. Susanne BARBUS, geboren op 10 10 1757 te Amsterdam.
2. Jean Louis BARBUS, geboren op 15 06 1761 te Amsterdam.
3. Anna maria BARBUS, geboren op 05 05 1763 te Amsterdam.
4. susanne Jeanne BARBUS, geboren op 09 07 1764 te Amsterdam.
5. Jeanne Elisabeth BARBUS (Johanna Elisabeth Barbus) (zie II.6 op blz. ).
6. Anne marie BARBUS, geboren op 10 12 1769 te Amsterdam.
7. Marianne Madeleine BARBUS, geboren op 22 03 1772 te Amsterdam.
8. Madelaine BARBUS, geboren op 20 02 1776 te Amsterdam.

II.6 Jeanne Elisabeth BARBUS (Johanna Elisabeth Barbus), geboren op 02 08 1768 te Amsterdam, gedoopt (Waals Herv) op 11 08 1768 te Amsterdam.
Ondertrouwd (1) op 25 06 1790 te Amsterdam, [23 06 1790 aangetekent in Utrecht]  met Pieter THURET, geboren te Amsterdam, zoon van Daniel THURET en Maria BAERSELMAN.
Gehuwd (2) op 46 jarige leeftijd op 29 01 1815 te Diemen met Jan Hendrik KOEK, fabrikant, geboren circa 1768, gedoopt (geref) op 12 07 1767 te Alkemade, van de Kaag, zoon van Jan KOEK, predikant, en Maria SCHUURMAN.
Uit het eerste huwelijk:
1. Jean Louis Daniel THURET, geboren op 17 02 1792 te Muiden, gedoopt (geref) op 04 03 1792 te Muiden (getuige(n): Jean Louis Barbus en Susanna Riquement), begraven op 18 08 1792 te Amsterdam, 183 dagen oud.
2. Pieter David Lodewijk THURET, gedoopt (herv) op 16 02 1794 te Amsterdam, begraven op 06 02 1796 te Amsterdam op 1 jarige leeftijd.
3. Pieter Daniel THURET, geboren op 25 06 1803 te Amsterdam, gedoopt (herv) op 29 07 1803 te Amsterdam.
4. Petronella Johanna Elisabeth THURET, geboren op 07 04 1807 te Amsterdam, gedoopt (herv) op 11 04 1807 te Amsterdam.


dinsdag 1 juli 2014

Een noodlottig ongeval te Oudkarspel

3 krantenberichtjes, en twee inschrijvingen in het overlijdensregister. maar wat een verdriet.

Nu doe ik een gok van hoe het zou kunnen zijn gegaan

Het is een gure koude aprilochtend als Cornelis Bood naar zijn werk gaat als kantoorbediende, net wetend dat dit de laatste keer zou zijn. Hij neemt afscheid van zijn vrouw Grietje en gaat op stap. In de loop van de dag word het weer er niet beter op, natte sneeuwbuien die op de nog bevroren grond blijven liggen maken de wegen glad en glibberig.. Als Cornelis op het eind van de middag huiswaarts keert heeft hij moeite met lopen de weg is glad, de wind guur en de natte sneeuw maken het zicht moeilijk. Als hij thuis gekomen de deur open doet komt de behaaglijke warmte van de kachel hem te gemoed. De avondpap staat zachtjes te pruttelen en Grietje begroet hem hartelijk, Cornelis doet zijn natte jas uit en hangt deze over een stoelleuning en zet deze in de buurt bij de kachel zodat hij morgenochtend weer droog is. Dan gaat hij aan tafel zitten en zegt "Griet kom maar gauw met de pap die zal wel smaken". Onder het eten van de pap praten ze over het werk van Cornelis en het slechte weer. Grietje vertelt dat ze nog even bij haar moeder langs is geweest en dat daar alles goed was. Ze schenkt voor Cornelis nog een bak koffie in en Cornelis pakt zijn boek om nog wat te lezen ondertussen doet Grietje de vaat en maakt alles vast in orde voor de nacht en de volgende ochtend. Even later gaat ze naar buiten voor het huuske, ze loopt over het paadje erheen. Ze doet voorzichtig want het is glad en ze kan weinig zien. Als ze er bijna is meent ze wat te horen aan de slootkant en gaat even kijken, ze ziet niets en als ze zich omdraait om weer naar het huuske te lopen glijd ze uit en valt in de sloot. De sloot is hier aardig diep en met alle zware rokken die ze aanheeft word ze naar beneden getrokken. Ze roept om hulp maar ze zakt steeds verder naar beneden. Cornelis zijn pijp stoppend meent iets te horen en denkt dat Grietje de deur van het huuske misschien niet open krijgt en gaat kijken. Hij ziet in het begin weinig want de lantaarn geeft weinig licht, maar dan hoort hij zacht gekerm wat uit de richting van de sloot komt. Bij de sloot ziet hij Grietje liggen in het water en wil haar er snel trekken. Door de kleding van Grietje die nu loodzwaar zijn wil het niet lukken en hij gaat dichter naar de kant. Hier glijd ook hij uit en beland  in de sloot. Hij grijpt Grietje vast maar het lukt hem niet om samen op de kant te komen. Zijn bewegingen worden moeizaam door de koude van het water en hij raakt onderkoeld, in een laatste poging om Grietje te redden raakt hij dieper in de modder en kan er dan zelf ook niet meer uit. Al snel moet hij het opgeven en met Grietje in zijn armen zakt hij dieper in het water  met een laatste snik en zijn gedachte aan Grietje probeert hij nog een keer om uit de sloot te komen. Dan zakt hij weg in het water samen met zijn Grietje waar ze de volgende ochtend gevonden worden.





Ze waren slechts 27 en 25 jaar oud en in mei zouden ze 2 jaar getrouwd zijn.

dinsdag 21 januari 2014

Het overlijden van de visser Pieter Kaars uit Marken


Ik kwam een overlijden tegen in het overlijdensboek van Marken. Akte nummer 19 vermeldt het volgende.
Heden den negenden october achttienhonderd zeven en tachtig, zijn voor ons ondergetekende, ambtenaar van den Burgelijken Stand der gemeente Marken verschenen Ariaan Kaars van beroep visscher oud zeven en zestig jaren, wonende te Marken, vader van de na te noemen overledene en Pieter Kaars van beroep visscher oud vijf en vijftig jaren, wonende te Marken, bekende van de overledene, welk ons hebben verklaard, dat op den zevenden dezer den voormiddags ten tien ure aan boord van het loggerschip, Semaphore IV, op de Noordzee in den ouderdom van acht en dertig jaren is overleden Pieter Kaars van beroep visscher geboren te Marken en wonende aldaar, Zoon van den eersten comparant en van Maritje de Jong, buiten beroep, echtelieden, wonende alhier.
Dan word ik nieuwsgierig en ga kijken in de oude kranten en vond het volgende verhaal over de dood van Pieter Kaars.
De Gooi- en Eemlander bericht op 15-10-1887
"uit Marken schrijft men ons van 11 oct. Gisteren werd hier het lijk aan gebracht van schipper P.Kaars, kapitein van den haringlogger Semaphor IV. Op den thuisreis zeilende verloor het schip zijne netten, waarom de boot uitgezet werd om die weder terug te vinden. Bij het weder ophalen van de boot, werd deze, eenige voeten boven de verschansing van den logger hangende, door een hooge golfslag uit de touwen geslagen en met geweldige kracht op het dek neer geslingerd. De kapitein ontving den kant van de boot zoo hevig tegen zijn lichaam, dat hem de borstkast verbrijzeld werd, waarop natuurlijk oogenblikkelijk de dood volgde. De bemanning stond verslagen, kon het anders? Hun wakkere kapitein werd in den vollen bloei zijns levens, midden in zijne bevelen, vlak voor den vaderlandsche kust plotseling gedood. Had de stortzee de boot naar de tegenovergestelde zijde geslagen, dan hadden zes hunner het lot van den schipper gedeeld. Men was reeds zoo ver op de terugreis, dat men de volgende avond de haven van IJmuiden bereikte. Door de zorgen van de bemanning werd het lijk direcht naar Amsterdam vervoerd, vanwaar het door familie naar Marken werd gehaald. Twee broeders van den overledene, die beiden op zee getuigen waren van het onheil en daarom op de Semaphore waren overgestapt, lieten het lijk te Amsterdam kisten. Heden wordt het op de begraafplaats van ons eiland ter aarde besteld; wel brult de zee en giert de wind en klettert de regen, maar aan de lange schare, die de baar volgt, zou men het niet kunnen merken, dat de storm zoo buldert. Niet alleen de familie, maar ook tal van vrienden, ja, bijna alle bewoners van het eiland bewezen den geachten doode de laatste eer, en het meest indrukwekkende, van den langen stoet, was wel, dat de volle bemanning van de Semaphore IV om de groeve stond van haren schipper, die nu rust te midden der zijnen en Goddank niet aan de golven behoefde prijsgegeven te worden, hetgeen wel gebeurd moest zijn als zij niet zoo nabij de hollandsche kust hun meester hadden zien omkomen. Hij stierf door en op de golven, doch gelukkig niet in de golven."
Pieter Kaars was geboren op 26 september 1849 te Marken en overleed op de Noordzee 7 october 1887.

dinsdag 4 juni 2013

zomaar een doop inschrijving in Noordwijk


Gelezen in het doopboek van de Nederlands Hervormde kerk in Noordwijk. Ik kom dit helaas nooit tegen bij voorouders van mij.
26 januari 1749
Een kind gedoopt Kornelis.
vader: Thomas Kornelisz Onderwater
moeder: Aalt Jansdr Alderneering
getuige: de ouders zelve.
NB: Dit kind was ruim 3 weeken voor den doop in onecht en overspel uit boven gemelde ouders geboren, zijnde de vader Thomas Kornelis Onderwater een weduwnaar, en de moeder Aalt Jansdr Alderneering, die gehuwd was met eene soldaat, genoemt Jan van Leeuwen geboren van Leiderdorp, wist niet of deze haar echte man dien zij in meerder dan 2 jaren niet gezien hadde uit den dienst gedeserteerd, in den krijg gesneuvelt of zijnen natuurlijke doot gestorven, dan of hij in Frankrijk krijgsgevangen ware, noch waar hij in de werelt was, zodat zij hier van onkundig zijnde, met meergemelde Thomas Kornelisz Onderwater overspel bedreven, en dit kind hem gebaart hebbe, derwijl nu beide de ouderen van dit kind uit ouderen en voorouderen, die den Hervormden Godsdienst waren toe gedaan geweest geboren en zelven beiden in den Hervormden Christelijke kerke in hunne kintsheid door den Doop waren in gelijft geweest. Hoewel de moeder al vroeg tot den Paapsche Godsdienst afgetrokken zij geweest, dien zij tot noch toe geoefent hadde zo heeft de vader den predikant meer dan eens verzogt dit kind ook door den doop der Hervormde Christelijke Kerke te willen inlijven, ’t welk de predikant niet gweigert, maar van den beginne af aangenomen heeft en belooft te zullen doen, wanneer de vader niet alleen zelf met dit kind ten doop kwam, maar ook een lidmaat van eenen Vroomen en onbesproken wandel tot getuige met zich brengt, doch vermits de vader niemant daar toe heeft kunnen krijgen en zelfs geen ordentlijk persoon die geen lidmaat was, daar toe heeft kunnen bewegen, hebben niet alleen de vader maar ook de moeder met hem zich voor den kerkenraat gestelt en aan de predikant verzogt den doop an dit kind te willen bedienen, onder aanbiedinge met alleen van beiden over den doop van dit kind te zullen staan en zich een ernstige bestraffinge te laten welgevallen, maar ook onder de plechtige beloften van de moeder, dat zij voortaan den godsdienst niet meer in de Paapsche maar in de Gereformeerde Kerke zou bijwoonen, en onder verbintenisse van beide de ouderen van dit kind, dat zij voortaan niet langer in ontucht zouden samen leven maar in eerbaarheit en dit kind in den Christelijke Godsdienst opbrengen waar op de predikant met goetvinden van den kerkenraat, dit kind van zijne overspelige ouderen zelve ten heilige doop aangeboden na dese ouders voor het aangesichte des gemeente wel ernstig bestraft had gelijk vermaant en hunnen gedane belofte hun herinnert te hebben gedoopt heeft op den 26 januai 1749
NB: dit kind is gestorven den 26 augustus 1749 dit boven gemelde paar vervolgens tegen hunne gedane belofte te zamen noch in ontucht levende heeft meergemelde Aalt Jansdr Aldeneering die tot noch toe geen bewijs van het overlijden van haren echten man Jan van Leeuwen hadde konnen inbrengen en daarom met voorschreven Thomas Kornelisz Onderwater niet hadde konnen getrouwt worden op den 11 juni 1750 werderom een doot kint ter wereld gebragt waar van deselve Thomas Kornelisz Onderwater aan den predikant bekent heeft de vader daar van was
.
Aaltje was gedoopt op 11-12-1718 Noordwijk met als ouders Jan Dircksz en Arentje Cornelis. Zij trouwde Jan van Leeuwen op 09-08-1745 Alkemade. Aalt trouwde uiteindelijk toch nog met de weduwnaar Thomas Onderwater in 1763 en kreeg nog 4 kinderen bij hem buiten de jong overleden Kornelis en het dood geboren kind kregen zij nog Cornelia 1751, Arend 1752, Cornelis 1755 en Dirk 1763. Aaltje en Thomas overleden in 1771.

dinsdag 28 mei 2013

Pieter Willemsz Koeijen (Coeijen, Coeijenmans)


Zo nu een stukje over verre voorouders van mezelf. Het was even puzzelen maar je komt er uiteindelijk uit. Ik was op zoek naar Steven Pannekoek en zijn vrouw Antje Pieters Koeije (Coeijen). Van Antje wist ik het patroniem dus haar vader heet Pieter.Van haar moeder wist ik zeker dat die Jannetje Schouten heet, dit omdat Antje bij haar huwelijk geassisteerd werd met haar moeder. Bij dat huwelijk werd ook vermeld dat de ouders van Steven Pannekoek waren overleden, zonder vermelding van zijn leeftijd of geboorteplaats.
Met Steven kom ik dus voorlopig niet verder. Met Antje is dat anders, daar ben ik weer een stukje mee opgeschoten. Antje is gedoopt op 6 maart 1721 in Diemen (Ned. Herv.)De doop getuige was Marritje Jans, en haar ouders Pieter Willems Coeijen en Jannetje Jans Schouten.Pieter Willems Coeijen (Coeijemans) is warmoezenier en vermoedelijk ergens begin 1680 geboren. Pieter Willems trouwde voor de eerste keer 13 mei 1707 met de weduwe Saartje Michielsz Bouman (geb ca. 1665) Hij was 8 jaar met haar getrouwd toen Saartje overleed en uit dit huwelijk zijn geen kinderen geboren. Saartje was voor de 1e keer getrouwd met Adriaan Cornelisz november 1690 en zij kregen 5 kinderen waarvan er 3 in leven waren toen Saartje trouwde met Pieter.

Pieters 2e huwelijk kwam niet verder dan de aangevingen op 9 januari 1716 zowel in Amsterdam als in de Watergraafsmeer. Bij het in ondertrouw gaan staat vermeld Aangetekent in de Watergraafsmeer en in Amsterdam. Bij ondertrouw staat vermeld; Pieter Willems Coeijman wed Sara Bouman in deze Meer geassisteerd met Jan Keet en Aaltje Macihelsz jd woonende in de Palmdwarssrtaat Amsterdam geassisteerd met Jan Barends haar neef. De bruidegom heeft geen kinderen.« NB. dit huwelijk heeft geen voortgang gehad om dat dese personen malkander te na bestonden.■
Maar Pieter treurde daar niet lang over want op 17 april van dat zelfde jaar kom ik zijn volgende aangeving van huwelijk al weer tegen ditmaal met mijn voormoeder Jannetje zij krijgen 8 kinderen. Als Pieter overlijd hertrouwt Jannetje met Jan Haijman Je krijgt dus een aardig schema

Adriaan Cornelisz X 1690 Saartje Michielsz Bouman 5 kinderen 2 jong overleden
Pieter Willems Koeijen X 1707 Saartje Michielsz Bouman
Pieter Willems Koeijen OX 1716 Aaltje Machielsz huwelijk gaat niet door
Pieter Willems Koeijen X 1716 Jannetje Jans Schouten 8 kinderen 4 jong overleden
Jan Haijmans X 1735 Jannetje Jans Schouten bruid heeft 4 kinderen.
Ook de ouders van Jannetje heb ik gevonden dit zijn Jan Jacobsz Schouten en Annetje Claas zij zijn getrouwd in 1693 Watergraafsmeer en na het overlijden van Jan Jacobsz hertrouwt Annetje Claas met Jan Jansz in 1712.
ps. voor de familie Antje Pieters Koeijen is de over-overgrootmoeder van Oma Smit-Pannekoek
Pieter Willemse KOEIJEN (Coeijen, Coeijeman), warmoezenier, geboren circa 1683, overleden te Watergraafsmeer, begraven op 15 10 1733 te Diemen, in een eigen graf.
Gehuwd (1) op 13 05 1707 te Watergraafsmeer met Saertje Michielsz BOUWMAN, geboren circa 1665, overleden te Watergraafsmeer, begraven op 16 04 1715 te Diemen, dochter van Michiel BOUWMAN.
Ondertrouwd (2) op 09 01 1716 te Watergraafsmeer. Aangetekent in de Watergraafsmeer en in Amsterdam. Bij ondertrouw staat vermeld; Pieter Willems Coeijman wed Sara Bouman in deze Meer geassisteerd met Jan Keet en Aaltje Macielsz jd woonende in de Palmdwarssrtaat Amsterdam geassisteerd met Jan Barends haar neef. De bruidegom heeft geen kinderen. NB. dit huwelijk heeft geen voortgang gehad om dat dese personen malkander te na bestonden. Echtgenote is Aaltje MACHIELSZ (Maggerus).
Gehuwd (3) op 17 04 1716 te Watergraafsmeer (getuige(n): bruidegom geassisteerd met Marritje Willem Coeijen zijn zuster en bruid met haar stiefvader Jan Jansz) met Jannetje Jansz SCHOUTEN, gedoopt circa 1696, begraven op 09 09 1785 te Diemen, in een eigen graf, dochter van Jan Jacobsz SCHOUTEN en Annetje CLAAS.
Uit het derde huwelijk: 1. Willem KOEIJEN, gedoopt (NH) op 04 04 1717 te Diemen (getuige(n): Annetje Klaas), begraven op 04 05 1718 te Watergraafsmeer op 1 jarige leeftijd.
2. Annetje KOEIJEN, gedoopt (NH) op 12 02 1719 te Diemen (getuige(n): Annetje Klaas), overleden op 11 10 1719 te Watergraafsmeer, 241 dagen oud.
3. Antje Pieters KOEIJE, gedoopt (NH) op 06 04 1721 te Diemen (getuige(n): Marritje Jans), begraven op 05 02 1782 te Amsterdam op 60 jarige leeftijd, met attest naar Amsterdam op 15 03 1767. Ondertrouwd op 02 04 1750 te Watergraafsmeer. Steven is geassisteerd door Joost Meijer een goede bekende zijn ouders zijn al dood Antje word geassisteerd door haar moeder Jannetje schouten geen van deze personen konde schrijven, gehuwd op 29 jarige leeftijd op 19 04 1750 te Diemen met Steven PANNEKOEK, begraven op 13 07 1791 te Amsterdam, overleden Jan Pannekoek woont op de Waal 12 07 1733 zijn vader?
4. Jan KOEIJEN, gedoopt (NH) op 25 07 1722 te Diemen (getuige(n): Annetje Klaas), overleden voor 1735.
5. Willem Pietersz KOEIJEN geb 1727
6. Jannetje Pieters KOEIJEN, gedoopt (NH) op 26 12 1729 te Diemen (getuige(n): Marritje Jans), overleden op 25 10 1767 te Amsterdam op 37 jarige leeftijd. Ondertrouwd op 07 02 1754 te Watergraafsmeer (getuige(n): Jacob van Orsagen sijn zwager, Jannetje Schouten haar moeder laatst wed van Jan Heijtman), gehuwd voor de kerk op 24 jarige leeftijd op 24 02 1754 te Diemen (geref) met Cornelis van MOURIK, geboren circa 1733 te Amsterdam, zoon van NN van MOURIK.
7. Marretje PIETERS, gedoopt (NH) op 21 09 1732 te Diemen (getuige(n): Marritje Schouten).
8. Pieter Willems KOEIJEN, gedoopt (NH) op 14 03 1734 te Diemen (getuige(n): Jacob Schouten en Marritje Schouten).

donderdag 18 april 2013

Hoe je aan je achternaam Water kan komen.


Op zoek naar voorouders in Kerk Avesaath kwam ik de volgende melding in het doopboek tegen
Den 24ste febr. 1726 Des namiddags tot Kapel Avesaath gedoopt een onegt kind voortgebragt bij Rijkske Maasses weduwe van Teunis van Gent en heeft het dees moeder selfs ten doop geheven en is haar bij het overstaan na de aflesinge van ’t formulier des doop voor de volle gemeente en als in het aansien van Godt voorgehouden de vuijlheit van deese soo lelijke misdaat, die sij openlijk beleden heeft en betuijgt gegeven te hebben groote vergifnis en ontstigting aan de gemeente en droefheijd aan de vroomen daar neffens heeft sij in ’t openbaar beleden haar hertelijke leedweese en berouw over de schandelijke van dese misbedrijvinge en ijndelijk belooft om voortaan haar kuijsch en eerlijk, onder ernstige afbiddingen van Gods goede en bestendige Geest en smekinge van een genadige vergeveinge te sullen gedragen; en derwijl sij voor, in, en na haar baringe staande hout, dat sij onder wegen door een onbekende met gewelt sou sije verkragt, en dus den regten vader niet kent, of het geen men daar voorhout,niet noemen wil, soo is het speelkind, sijnde een soontje genaamt Rijk Water, dus geheten naar haar selve, en den toenaam van Water daar bij gevoegt soo omdat het kind heeft een duijstere vader als voornamentlijk, omdat het gebooren is in den overgroote watersnood in deser tijd soo hoog geweest als geene oude luijden geheugen meerder swaarder nog algemener geweest te sijn.
Doopboek 'Kerk-Avezaath
Gelukkig komt het toch nog goed met Rijkjen. Nadat ze met Teeuwis Teeuwisse van Gent was getrouwd op 26-05-1715 te Avesaath en twee zoontjes van hem heeft gekregen genaamt Teunis geboren op 13-04-1716 en Maas op 09-03-1721, trouwde ze als weduwe met Cornelis Janse van Vueren een jongeman van IJsendoorn op 30-11-1738. Haar volle naam is Rijkjen Maassen van Haaften en ze komt oorspronkelijk uit Wadenoijen.

Op zoek naar het overlijden van Teeuw teeuwisse van Gent kom ik weer een enorme fout tegen op het net. Weer iemand die een rare combinatie heeft gemaakt. Hij laat de vader van Teeuw trouwen met zijn vrouw, dus zou zijn vrouw zijn moeder zijn. De persoon toch maar even een mailtje verstuurd.
Over de watersnoodramp het volgende op internet gevonden.
Op 9 februari 1726 was het weer raak en brak de dijk bij Kedichem. Volgens ds.Prato..."was deze watersnood te droeviger voor de goede ingesetene door dien door het hoge water en geduijrige winden, veele huijze geheel wierden weggeslagen en de overige meest geruijneert of van haare mururen ontbloot waren...".
1726. In januari ernstige overstromingen van de Tielerwaard, graafschap Culemborg en het Land van Maas en Waal.
1726: Overstroming Alblasserwaard De dooi na herhaalde vorst en zware sneeuwval leidt tot een nationale ramp in het rivierengebied. De Lekdijk breekt en Krimpenerwaard en Lopikerwaard lopen onder. Bij Wamel gebeurt hetzelfde met het Land van Maas en Waal. Bij Ochten breekt het water de Betuwe in. De Tielerwaard loopt onder en het water komt tot aan de Diefdijk. Een doorbraak in de Lingedijk zet dan in februari ook de Alblasserwaard en Vijfherenlanden onder water en zelfs tot 4 meter.

dinsdag 2 april 2013

Zo alleen......... Ariaantje Klerk


Ariaantje Klerk werd geboren in Schagen op 25 februari 1808 als dochter van Klaas Jacobsz *Klerk en Reinoutje Dirksz Vos. ( Het eerste kind van Jan en Reinoutje,- Dirk-, is dan al overleden op de leeftijd van 1 jaar. Na Ariaantje is nog een kind geboren,- Antje-, op 29 juni 1809 te Schagen. Dan overlijdt moeder Reijnoutje op 8 mei 1810. Vader Klaas hertrouwt 14 december 1810 met Aaltje Schoor en dit echtpaar krijgt nog 3 dochters en 1 zoon. (1814, 1816, 1818 en 1822) ( http://genea.pedete.net/schagen/index.htm zoek via de K van Klerk)
Ariaantje wordt dienstmeid bij Jan Volder in de Wieringerwaard. Dit gezin bestaat in 1828 uit Jan zijn vrouw Grietje en 4 kleine kinderen. Het jongste kind is in december 1827 geboren. Dan raakt Arijaantje zwanger, weet ze het zelf? Ze vertelt het kennelijk aan niemand, kan ze het niet vertellen? Haar halfbroer en zusters zijn te jong en wonen in Schagen, haar zus Antje die dan 19 jaar zal ook wel ergens in een dienstje zitten. Haar moeder heeft ze amper gekend en hoe de verhouding met haar stiefmoeder was, dat weten we natuurlijk niet.
Haar kindje wordt geboren op 26 maart 1828, misschien een dag of wat eerder. feit is dat Ariaantje overlijdt in de nacht van de 26e op de 27e. Haar aangehuwde oom Hendrik Bakker uit Barsingerhorn komt naar de Wieringerwaard om samen met Jan Volder hiervan aangifte te doen op de 28e maart. Niet haar vader dus die even ver weg woont. Misschien kon hij geen vrij krijgen? Er werd trouwens meestal door anderen aangifte gedaan, dit hoeft niets te betekenen.

Maar dan lezen we in de volgende acte: Op de 31e van die maand heeft Jan Volder van beroep landman, wonende in den Wieringerwaard, ( http://genea.pedete.net/wwaard/index.htm ) aan ons vertoond een levenloos kind naar gissing zijnde 4 dagen van het vrouwelijk geslacht denkende hij, daarvan moeder te zijn, zijn in den nacht van den zes en twintig dezer overleden dienstmeid Aarjaantje Klerk oud twintig jaren ongehuwd in deze gemeente woonachtig.

Hieruit blijkt dat niemand iets heeft gemerkt van deze geboorte. Ze hebben waarschijnlijk het kindje pas gevonden nadat Ariaantje was begraven en ze blijkbaar haar boeltje aan het opruimen waren. Ze heeft misschien nog wel alles weggestopt van de bevalling. Zo triest dat ze dit helemaal in haar eentje heeft moeten doen, geen hulp voor haar, terwijl ze 3 maanden eerder de boerin misschien wel had geholpen. Misschien was ze zelfs naar een schuur gelopen om daar te bevallen zodat niemand haar kon horen. Hoe ze dan dacht verder te gaan als zij en haar kindje waren blijven leven? Zou ze het te vondeling hebben gelegd? Niemand zou haar hopelijk als de moeder verdenken.
En de vader? Die bleef mooi buiten schot, uit de aktes valt niets over hem op te maken.
aanvulling van Gertie
Als je ziet hoeveel buitenechtelijke kinderen in die periode worden geboren in Wwaard, en dan ook echt zonder vader, dan was het helemaal niet bijzonder dat Ariaantje moest bevallen. Misschien is ze overvallen door een vroeggeboorte en kon ze niet meer om hulp roepen Men woonde nogal krap toen, maar allicht sliep ze in de meidenbedstee in de stal.

woensdag 27 maart 2013

Een dodelijke val.


Hoe dodelijk kan je vallen van een hooiwagen?
Aardswoud begraafboek 1784. Op den 10e julij is beluijd Klaas Koppes en den 14 dito in de kerk begraven. Acte drie gulden vertoond.
NB. Deze Klaas Koppes oud zijnde 23 jaar, was als boerenknegt woonende bij Dirk Claasz Koorn, en op Saterdag den 10 julij met Pieter Houtkoper aan ’t hooij rijden zijnde, had het ongeluk om van ’t voer hooij dat op de waagen was af te vallen, en in een hooijvork die mede van de waagen viel te vallen, zoo dat hij reets dood was eer hij in ’t huijs bij Dirk Coorn wierd gebragt.